Een kritisch rapport over de uitrol van het M-decreet

Door Kathleen Krekels op 17 januari 2018, over deze onderwerpen: Basisonderwijs, Leerlingenbegeleiding, M-decreet

Het M-decreet staat vandaag in het middelpunt van het onderwijsnieuws. Dat komt door een rapport waar diverse kranten inzage in kregen. Het betreft een stand van zaken over de opstart van het ondersteuningsmodel. De slotbeschouwingen zijn bijzonder kritisch. Vlaams parlementslid Kathleen Krekels (N-VA) reageert: “We moeten de knelpunten aanpakken en de expertise van de ondersteuners efficiënter inzetten door ondersteuningsnetwerken netoverschrijdend te laten werken.”

Ondersteuningsnetwerken

Sinds 1 september 2017 ging het nieuwe ondersteuningsmodel voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften van start. De school bepaalt nu samen met de ouders, met het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) en de school voor buitengewoon onderwijs welke ondersteuningsnoden de leerling heeft. De scholen leggen op basis daarvan de ondersteuningsvragen voor bij de ondersteuningsnetwerken.

 

Nood aan duidelijke aanmeldprocedures en voorwaarden

Met het nieuwe ondersteuningsmodel wordt afgestapt van het logge systeem van twee uurtjes ondersteuning gedurende twee jaar. Nu kan ondersteuning flexibel worden ingezet naargelang de behoefte van de leerling. Kathleen Krekels licht toe: “Zowel leerling, ouders en ondersteuners zijn tevreden met dit flexibel systeem. Dat maakt zorg op maat pas echt mogelijk. De keerzijde is echter wel dat het aantal zorgvragen enorm is toegenomen. Mogelijk ligt de oorzaak daarvan in de fase van de basiszorg en verhoogde zorg. Deze zorgfasen moet de school eerst zelf doorlopen vooraleer het ondersteuningsnetwerk kan worden ingeschakeld, maar daar is nog veel onduidelijkheid over. Duidelijkheid over de aanmeldprocedures en criteria moet soelaas bieden.”

 

Enkel netoverstijgende samenwerking garandeert efficiënte inzet expertise en middelen

Voor elk kind moet de beste zorg worden gegarandeerd. De ondersteuning mag niet afhangen van het onderwijsnet. En toch gebeurt dat in de praktijk nog. “Deze ochtend in het programma van Hautekiet hoorde ik nog maar eens dat ouders vaarwel moeten zeggen tegen goede ondersteuning voor hun kind omdat ‘ze moeten overstappen naar ondersteuning van het eigen net’”, zegt Kathleen Krekels. “Netgebonden ondersteuning werkt versnippering in de hand. Er ontstaat immers overlap omdat dezelfde expertise in eenzelfde regio wordt aangeboden, en andere ontbreekt.” Kathleen breekt dan ook al lang een lans voor het efficiënt inzetten van de middelen en expertise door netoverstijgende samenwerking. “De vroegere GON-werking heeft al bewezen dat deze netoverstijgende werking zeer zinvol is.”

Bron: Belga, 17 januari 2018.

 

Buitengewoon onderwijs mag niet teloorgaan

 

“Tot slot mogen we zeker niet vergeten dat leerlingen met ondersteuningsnoden in het buitengewoon onderwijs buitengewoon goed geholpen worden,” besluit Krekels. “Verschillende getuigenissen geven aan dat kinderen die niet gelukkig zijn in het gewoon onderwijs, openbloeien in het buitengewoon onderwijs.”

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is