Voor veel ouders van een hoofbegaafd kind is het antwoord op al deze vragen ‘ja’. Te lang is hoogbegaafdheid een blinde vlek gebleven in het onderwijsbeleid. Dankzij onderwijsminister Ben Weyts kwam daar eindelijk verandering in. Verschillende nieuwe initiatieven komen tegemoet aan de noden die zo typerend zijn voor deze leerlingen: extra uitdaging, de mogelijkheid om vrijstellingen te verkrijgen voor vakken de ze al onder de knie hebben, de optie om ook in het secundair onderwijs te versnellen. Een groot pilootproject ondersteunt en bundelt de beste praktijken voor cognitief sterke leerlingen en verspreidt ze naar het brede onderwijsveld.

Het project Talent richt zich op het basis- en secundair onderwijs. Wil je schoolmoeheid bij hoogbegaafdheid voorkomen, dan kan je best vroeg genoeg ingrijpen. Maar ook in ons hoger onderwijs lopen sterke studenten vast op te rigide structuren die excelleren in de weg staan. Universiteiten en hogescholen moeten bij uitstek de weg vrijmaken voor excellentie. Een breed gedragen visie dringt zich op. De Vlaamse vereniging van Studenten (VVS) onderschrijft dat. Een hogere opleiding vereist meer zelfstandigheid en biedt meer leerstof dan in het secundair. Het hoger onderwijs speelt in op verschillen tussen studenten door het onderscheid te maken tussen graduaatsopleidingen, HBO5, professionele bachelor, academische bachelor en master. Maar helaas onvoldoende.

Met het gevoerde beleid rond hoogbegaafdheid in het leerplichtonderwijs en het nieuwe decreet leersteun, zullen studenten in spe met extra uitdagingsnoden alvast heel wat sterker aan de aftrap in het hoger onderwijs verschijnen. Nu is een traject van vaststellen en opvolgen soms nog nodig, op termijn hopelijk niet meer. Het is belangrijk dat studenten zelfstandig kunnen aangeven wat hun noden zijn. De taak van het hoger onderwijs is te voorzien in het aanbod voor excellentie. Dat kan bijvoorbeeld door studenten toe te laten extra modules op te nemen die niet tot de gevolgde opleiding behoren, het maximaal aantal studiepunten per jaar te overschrijden of modules uit de eigen opleiding versneld op te nemen. Zo nemen we drempels weg en maken we meer combinaties mogelijk. De hoogbegaafde student die uitdagingen zoekt, moet in de mogelijkheid zijn die te verwezenlijken.

Het pad naar een hoogbegaafdenbeleid aan het hoger onderwijs is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de onderwijsinstellingen en de overheid. Ik roep de universiteiten en hogescholen dus op de handen in elkaar te slaan met minister van Onderwijs Ben Weyts. Een eerste stap daarin is dit flexibeler omspringen met modules. Andere perfect haalbare voorstellen zijn het voorzien in een verbredend of verdiepend lesaanbod en het werken aan een beter begrip van hoogbegaafdheid bij professoren en assistenten.

Voor nog meer concrete ideeën is het niet ver zoeken: de studenten van de VVS hebben duidelijke en concrete signalen gegeven. Ik ga er zeker mee aan de slag.

Onderwerpen